Roken schaadt de onderneming

Werkgevers laten rokende medewerkers ongemoeid. Fout, want roken op het werk is een schadepost voor de hele onderneming. Bedrijven die zich inzetten om rookvrij te worden dragen echter bij aan het vitaler worden van de gehele organisatie.

De jarenlange strijd tegen het roken staat op een laag pitje. De sigaret is weliswaar verbannen van de werkplek en uit de openbare ruimte, maar verdere actie blijft uit. De overheid steekt geen cent meer in campagnes tegen het roken.

Ook de werkgever laat de rokende medewerker met rust, want roken is privé. Als werkgever heb je wel wat beters te doen dan de moraalridder uit te hangen. Omzet, resultaat en productiviteit, dat zijn de terechte prioriteiten op het werk. Bijna een op de drie werkgevers gaat om die reden het gesprek met medewerkers over roken uit de weg, zo blijkt uit recent onderzoek van Zorg van de Zaak. Ruim een kwart van de werkgevers voelt zich bovendien niet verantwoordelijk voor het rookgedrag van de werknemer.

Maar roken is heel wat minder privé dan werkgevers denken. Tel alle rookpauzes op, dan merk je dat een roker per jaar drie weken extra vrije tijd pikt. Daar komt bij dat rokers een half uur tot een uur  na de vorige sigaret alweer lijden aan concentratieverlies door ontwenningsverschijnselen. Dat gaat ten koste gaat van hun werk. Vergelijk dat eens met werknemers die met een kater op het werk komen, of die stijf staan van de speed. Onacceptabel.

Daar komt bij dat rokers minder weerstand hebben. Ze melden zich anderhalf keer zo vaak ziek als hun niet-rokende collega’s. Ook liggen ze langer in de lappenmand. Een op de vier rokers sterft zelfs voor het behalen van de pensioengerechtigde leeftijd aan de gevolgen van roken.

Roken is geen kwestie van een vrije keuze die gerespecteerd moet worden, want rokers zijn even verslaafd als alcoholisten en junks. Tal van rokers beseffen dat. Die willen wel stoppen, maar hebben moeite om af te kicken. Uit onderzoek blijkt dat drie van de tien rokers maar wat blij zouden zijn met de helpende hand van de baas hierbij. Zelfs het afschaffen van rookpauzes kan op bijval rekenen van veel rokers.

In theorie zal het rookvrij maken van een organisatie dus levert het al gauw voordelen op in de vorm van hogere productiviteit, betere kwaliteit van werken en lager ziekteverzuim. Moeilijk is dit niet. Een rookverbod tijdens werktijd en op het bedrijfsterrein is gratis. Rookruimten kunnen worden opgedoekt, wat nog een besparing oplevert ook. Het verstrekken van nicotinepleisters als tegemoetkoming aan verslaafde werknemers, is even eenvoudig als voordelig.

Het aanbieden van programma’s voor stoppen met roken levert nog meer op. De vitaliteit van de hele organisatie verbetert. Bovendien voldoet de werkgever aan de wettelijke zorgplicht, wat tevens een bewijs is van goed werkgeverschap.

Is de rookvrije organisatie dan helemaal zonder zorgen? Nee, want er gaat gemord worden. Maar niet lang, want roken op de zaak is een gewoonte en geen recht. Rookvrije organisaties zijn bovendien heel erg logisch. Ze dragen bij aan de vitaliteit van de hele organisatie. En daar streven alle werkgevers uiteindelijk naar. Het aanmoedigen van ziekteverzuim door roken te gedogen, is ethisch gewoon niet verantwoord. Daar moet je over gaan morren.